Ga direct naar de inhoud.

Uitspraken uitgelicht

Verknochtheid schulden

Man en vrouw zijn in 2010 getrouwd in gemeenschap van goederen. Na de huwelijksdatum overlijdt de moeder van de vrouw, zij heeft geen testament gemaakt dus het hele erfdeel van de vrouw valt in de gemeenschap van goederen. Helaas heeft de vrouw geen plezier van haar erfdeel omdat de man in de schuldsanering komt. Dat betekent dat alle baten die in de gemeenschap vallen gebruikt kunnen worden om de schulden van de man te betalen. De vrouw probeert nog bij de echtscheiding in 2012 aan te geven dat de schulden van de man aan hem verknocht zijn omdat hij deze schulden al had voor hij met de vrouw in het huwelijk trad. Ook geeft zij aan dat er nauwelijks financiële verstrengeling is omdat partijen maar kort getrouwd zijn geweest.

De rechter geeft de vrouw geen gelijk. De schulden van de man zijn door het huwelijk gemeenschapsschulden geworden en nu de erfenis van de vrouw in de gemeenschap is gevallen kunnen de schulden van de man uit het gemeenschapsvermogen, waaronder de erfenis betaald worden.

Gerechtshof Amsterdam 18 september 2012, JN: BZ0630

TIP: Het is niet alleen aantrekkelijk voor ondernemers en mensen met een vermogen om huwelijkse voorwaarden te maken. Juist voor mensen die al schulden hebben voor zij gaan trouwen, is het goed om huwelijkse voorwaarden te maken en de schulden buiten de gemeenschap te houden. Verder blijft het natuurlijk een open deur, maar maak een testament waarin in ieder geval een uitsluitingclausule is opgenomen.

Nietigverklaring huwelijk op verzoek van Openbaar Ministerie

 In 2008 trouwt tante (79 jaar) met haar neef ( 22 jaar). Niet de liefde maar de estate planning is de reden van dit huwelijk. Door het huwelijk kan het vermogen van tante fiscaal zo gunstig mogelijk naar haar neef worden overgeheveld. Het openbaar ministerie is van oordeel dat de neef te kwader trouw handelt en dat daarom het huwelijk nietig moet worden verklaard. Art. 1:32 BW bepaalt namelijk dat een huwelijk niet mag worden aangegaan wanneer de geestvermogens van een partij zodanig zijn gestoord dat deze niet in staat is haar wil te bepalen of de betekenis van haar verklaring te begrijpen.

 Uit de verklaringen van de medische specialisten blijkt dat de geestvermogens van tante op het tijdstip van het sluiten van het huwelijk al zodanig waren gestoord dat zij niet in staat was haar wil te bepalen of de betekenis van haar verklaring te begrijpen.

De vraag of een persoon in staat is zijn wil te bepalen en de betekenis van zijn verklaring te begrijpen is niet slechts aan de orde bij het sluiten van een huwelijk, maar in tal van situaties: bijvoorbeeld bij het maken van een testament, het afgeven van een volmacht, het aangaan van een geneeskundige behandelingsovereenkomst en andere rechtshandelingen. Helaas bestaat er geen algemene wettelijke definitie van wilsbekwaamheid.

In de vakliteratuur is wel aangenomen dat wilsbekwaamheid niet alleen afhankelijk is van de cognitieve vermogens van de persoon in kwestie, maar mede afhankelijk is van de complexiteit van het onderwerp waarover die persoon een beslissing moet nemen. Zo kan een persoon bekwaam zijn om eenvoudige beslissingen te nemen en op hetzelfde moment wilsonbekwaam zijn ten aanzien van ingewikkelde zaken, omdat hij of zij de consequenties van deze laatste niet meer kan overzien. Bijvoorbeeld iemand kan wel de dagelijkse boodschappen doen maar geen woning kopen.

De Procureur-generaal brengt het mooi onder woorden: Het motief waarmee de aspirant-echtgenoten het huwelijk sluiten staat aan de burgerlijke overheid niet ter beoordeling. De mogelijkheid te huwen geldt als een grondrecht. Art. 1:67 BW vereist dat de toekomstige echtgenoten ten overstaan van de ambtenaar van de burgerlijke stand een bepaalde verklaring afleggen. Het sluiten van een huwelijk voor de wet vanwege de vermogensrechtelijke, erfrechtelijke of fiscale gevolgen is niet ontoelaatbaar, wat men daarvan uit moreel oogpunt ook moge vinden. Het Burgerlijk Wetboek eist een verklaring, geen zoen.

Maar het rechters bij het hof geven ook duidelijk aan dat het aangaan van een huwelijk een complexe beslissing is. Door het huwelijk ontstaat een vergaande lotsverbondenheid. Zo zijn echtgenoten elkaar getrouwheid, hulp en bijstand verschuldigd en zijn zij verplicht elkaar het nodige te verschaffen (art. 1:81 BW). Door het huwelijk ontstaan over en weer tussen de echtgenoten rechten en verplichtingen, die deels ook na ontbinding van het huwelijk blijven voortbestaan (onderhoudsverplichting). Een huwelijk heeft tevens vergaande gevolgen op fiscaal gebied, voor sociale voorzieningen en voor het erfrecht. Ook al was het huwelijk van tante en neef uitsluitend gericht op het verkrijgen van fiscale voordelen en staat het hun vrij hun huwelijk in te richten zoals zij wensen, dat neemt nog niet weg dat ook aan dit huwelijk deze vergaande en deels dwingende gevolgen zijn verbonden.

Helaas voor de neef  is de rechter in deze situatie  van oordeel dat uit de medische verklaringen voldoende blijkt dat tante  de complexe gevolgen van het huwelijk niet kon overzien en dat het huwelijk niet alleen een fiscaal gunstige overheveling van haar vermogen naar haar neef bewerkstelligt. Het huwelijk tussen neef  wordt dan ook nietig verklaard.

Hoge Raad 16 april 2013, LJN: BZ8782

TIP: De Procureur-generaal zegt het mooi: “Het Burgerlijk Wetboek eist een verklaring, geen zoen”. Het moet dus in principe mogelijk zijn om een huwelijk (of geregistreerd partnerschap) aan te gaan uit estate plannings oogmerk. Maar let wel dat er geen enkele twijfel mag zijn over de geestesgesteldheid (lees wilsbekwaamheid) van een van de partijen. Beiden moeten begrijpen welke juridische en fiscale gevolgen het sluiten van een huwelijk (of aangaan geregistreerd partnerschap) heeft.

Huwelijkse voorwaarden

Partijen bespreken met de notaris dat zij bijzondere huwelijkse voorwaarden willen. Zij willen namelijk een gemeenschap van goederen, met uitzondering van een aantal specifiek aan de vrouw toebehorende goederen, te weten een geldbedrag ad f 230.000,- (in euro € 104.369,-) dat de vrouw enige jaren daarvóór aan de man ten behoeve van zijn bedrijfsvoering ter beschikking had gesteld en goederen afkomstig uit al dan niet toekomstige giften en erfenissen van de kant van haar ouders.

De huwelijkse voorwaarden worden zo opgesteld en bij de echtscheiding vordert de vrouw het bedrag van fl. 230.000 terug. De man stelt echter dat tegenover dit bedrag een schuld staat en het bedrag maar voor de helft hoeft worden terugbetaald. Het bedrag is namelijk gebruikt voor de onderneming van de man (die wel in de gemeenschap van goederen valt) en tegen dit bedrag staat een schuld in de onderneming.

De notaris wordt er bij gehaald om uit te leggen wat partijen destijds wilden regelen in hun huwelijkse voorwaarden. Uit zijn gespreksnotie blijkt duidelijk dat het bedrag van fl. 230.000 in het geheel terug moest naar de vrouw omdat dit bedrag voor haar dochter was bestemd.  Het was dus niet de bedoeling dat door de werking van de gemeenschap van goederen de vrouw slechts de helft van het bedrag zou terugkrijgen. De vrouw krijgt dan ook het gehele bedrag terug.

Het ligt wat moeilijker met de bedragen die de vrouw uit erfenis en schenking heeft gekregen. De vrouw moet bewijzen dat zij deze bedragen in de onderneming van de man heeft geïnvesteerd en dat deze niet zijn opgegaan aan de kosten van de huishouding. De vrouw kan dit bewijs niet leveren en dat betekend dat zij de bedragen die zij uit erfenis en schenking heeft gekregen niet vergoed krijgt.

Gerechtshof Arnhem 28 februari 2013, LJN: BZ6150.

TIP 1: Leg in de huwelijkse voorwaarden precies vast wat de bedoeling is van beide partijen. In deze casus had de notaris nog zijn gespreksnotitie en wist hij wat er besproken was. Vaak is het dossier al opgeschoond en is dus niet meer te achterhalen wat er nu werkelijk bedoeld werd in de huwelijkse voorwaarden. Het is dus beter in de aanhef uitgebreid op te nemen wat en met welk doel partijen wensen te regelen.

TIP 2: Leg de geldstromen vast. Wanneer er geld uit een erfenis of schenking komt, stort het op een aparte bankrekening en leg vast wat er met dat geld gedaan wordt. Leg ook vast of het hier om een gewone lening gaat (dan komt het bedrag weer nominaal terug) of dat het gaat om een bellegging (waarbij gedeeld wordt in de waardestijging of de waardedaling van de zaak waarin geïnvesteerd wordt).

« terug

Deel deze pagina op: